Noord-Beveland

Haven van Kortgene

Geschiedenis
Bij Colijnsplaat heeft zich een tempel bevonden die gewijd was aan Nehalennia; een Keltisch-Germaanse beschermgodin van vissers en zeelui. Rond deze tempel ontstond een handelsnederzetting die Ganuenta werd genoemd. Aan het eind van de 3e eeuw raakte het gebied ontvolkt als gevolg van invallen van de Germanen en wegens aanhoudende overstromingen. Vanaf 700 begonnen de schorren bevolkt te raken. Na een grote stormvloed in 1014 werden de eerste dijken aangelegd en werden terpen verhoogd. In 1100 werd op Noord-Beveland te Welle de eerste kerk gebouwd. Na de grote stormvloed van 1134 werd Noord-Beveland bedijkt. Een stormvloed op 5 november 1530 (de Sint-Felixvloed) overspoelde heel Noord-Beveland, en de Allerheiligenvloed (1532) vaagde alle bebouwing weg. Alleen de kerktorens van Kortgene en Wissenkerke staken nog boven water uit.

In 1598 werd Noord-Beveland weer gedeeltelijk ingepolderd. De dorpen Colijnsplaat en Kats werden aangelegd. In 1652 volgde Wissenkerke, in 1668 Geersdijk, en in 1684 werd de rest van Noord-Beveland ingepolderd. Aan de kerktoren van het oude Kortgene werd een nieuw schip gebouwd. De bevolking van Noord-Beveland kwam uit andere delen van Zeeland, maar ook uit Vlaanderen, Holland, Brabant, Limburg, en zelfs uit Duitsland, Frankrijk, Engeland, Schotland, en Zwitserland. Het dialect van Noord-Beveland wijst erop dat de meeste kolonisten van Schouwen-Duiveland kwamen. Deels ging het hierbij om arbeiders, ambachtslieden, en schippers die na de aanleg van de dijken, de polder en de dorpen hadden besloten hier te blijven wonen.

Tijdens de Watersnood van 1953 werd een dijkdoorbraak bij Colijnsplaat op het nippertje voorkomen. Deze gebeurtenis staat bekend als het wonder van Colijnsplaat. Op andere plaatsen in Noord-Beveland, onder andere bij Kortgene, vonden wel dijkdoorbraken plaats. Daardoor overstroomden alsnog grote gedeelten van het eiland.

Ligging
Noord-Beveland ligt ten noorden van Walcheren en Zuid-Beveland aan de Oosterschelde en wordt van deze schiereilanden gescheiden door het Veerse Meer. De Oosterscheldekering en de Zeelandbrug verbinden het met Schouwen-Duiveland.